Reisverslag Jordanië: 31 augustus 1996 t/m 14 september 1996
Zaterdag 31 augustus:
Na een soepele vlucht van 4 uur met Royal Jordanian kwamen om circa
16.00 aan op Amman Airport en kort daarna in de stad zelf In de
buurt van het hotel werden we direct aangesproken door een
vriendelijke Jordanees, genaamd Mohammed hoe kom je er op, die in
Utrecht had gewoond en aan het randje van Arno's paspoort kon zien
dat we uit Nederland kwamen. Hij wees ons de ingang van het hotel
die nl. niet echt logisch lag. Het hotel begon ook op de derde etage
van het gebouw. Er onder zaten winkels en kantoren.
Het Palace Hotel was een redelijk hotel, vrij schoon, geen airco,
wat lawaai van buiten, 16 JD incl. ontbijt.
We gingen direct de stad in, waar we na een tijd werden aangesproken
door een andere vriendelijke Jordanees (ook al Mohammed geheten).
Deze M'med 2 liet ons een deel van Amman zien. We reden een paar uur
met hem door de stad, hij was vriendelijk maar een beetje wazig en
later ook opdringerig. Bij het afzetten gaf ie aan dat ie ons nog
meer wilde laten zien, maar daar hadden wij geen zin in.
In het hotel lag er een boodschap van die eerste Mohammed die al 2
keer was langs geweest, omdat hij ons Amman wilde laten zien. Gaat lekker
met die Mohammeds.
 |
 |
 |
|
Uitzicht vanaf Citadelheuvel op Roman Amphitheater |
Adullah moskee |
Adullah moskee |
 |
 |
 |
|
|
Jerash
|
|
Zondag 1 september:
's Ochtends zijn we Amman ingegaan, naar het centrum in Down Town,
o.a. naar het Roman theatre, het paleis van Koning Hussein, het
busstation en groot plein met parkje. We dronken lekkere thee in een
koffiehuis.
Het is opvallend dat de mensen op straat ongelooflijk aardig zijn:
ze groeten voortdurend (meestal gewoon met 'Welcome'), zijn erg
behulpzaam, weigeren veelal om fooien aan te nemen, maar de meeste
Jordanezen spreken niet of nauwelijks Engels.
Het is verschrikkelijk druk op straat en voortdurend een enorme
getoeter. Naar goed Aziatisch gebruik wordt deze continue gebruik om
te laten merken dat men er is.
Ook is het erg opvallend dat je overal foto's van Koning Hussein
en/of zijn familie ziet: in winkels, restaurants, hotels, maar ook
veel gewoon op straat bij een rotonde of belangrijk verkeerspunt.
Verder is er behoorlijk veel politie op straat.
Later die ochtend gingen we met een gewone bus naar het
Abdullah-busstation, waar we de bus naar Jerash konden nemen.
Het is in Jordanië enigszins lastig om de juiste bus of taxi te
vinden, er zijn nl. nog al wat verschillende soorten en de
bestemming is meestal alleen in het Arabisch aangegeven:
- Witte taxi (=service taxi), rijden een vaste route, die op de deur
is aangegeven;
- Gele taxi, net als Nederlandse taxi's;
- Jett bussen, luxe bussen die alleen tussen grote plaatsen rijden;
- 'gewone' bussen, vrij goede bussen die vaste routes rijden en
onderweg vrijwel niet stoppen en pas weg gaan als ze vol zijn;
- en mini bussen.
De busreis naar Jerash duurde ongeveer een uur en kostte ongeveer 75
cent per persoon. Bij de ingang van de oude stad konden we gewoon
doorlopen, kennelijk had de kaartverkoper even pauze.
De oude stad was prachtig: heel veel oude dingen uit de Romeinse
tijd in vrij goede staat. Het was er wel verschrikkelijk heet.
Op de terugweg moesten we eerst een uur in de bus wachten tot ie
eindelijk vol genoeg was om te vertrekken.
In Amman aangekomen vonden we het te laat om nog naar Salt te gaan.
We reden met een taxi van het Abdullah bussation naar het hotel. De
chauffeur herkende ons, hij had ons die morgen bij het coffee shopje
zien theedrinken.
's Avonds gingen we uiteten in Shmeisani (= de rijkere buurt van
Amman), waar onder andere de uitgaansjeugd van Jordanie te vinden
is.
Na het eten naar een coffee shop, met alleen maar mannen op het
terras die bijna allemaal een waterpijp rookten. Jordanezen gaan
als ze uitgaan vnl. naar coffee shops en restaurants. Zelf namen we
een cocktail gedronken, wat gewone dikke vette drab was.
Maandag 2 september:
Nadat we geld hadden gewisseld, was nog even lastig, want de normale
exchange kantoortjes accepteerden geen guldens, de Union Bank for
Savings and Investment gelukkig wel, gingen we op weg naar het
Addullah busstation om vandaar uit de bus naar Madaba te nemen.
Vanuit Madaba wilde we weer naar de Dode Zee.
We deelden een taxi met een Jordaanse vrouw en haar man die
vertelden dat we beter met de Jett-bus konden gaan, dus werden we
bij de Jett-bus-office gedropped. Helaas ging er helemaal geen
Jett-bus naar Madaba. Eenmaal buiten werden we aangesproken door een
man die vroeger gids was geweest en nu taxichauffeur was, maar privé
ook voor gids speelde. Hij wilde ons voor 40 dinar eerst naar de
Dode Zee en vervolgens naar Mount Nebo en Madaba brengen. Na wat
onderhandelen gingen we op pad.
We moesten eerst terug naar het hotel om paspoorten op te halen die
je nodig hebt in de Jordaanvallei (de veiligheidszone met Israel).
Samen met de taxichauffeur (Ibrahim) regelden we ook nieuw
hotel (Firas Wings hotel), een stuk beter slechts iets duurder.
Daarna gingen we op pad richting de Dode Zee. Ibrahim vertelde veel
over Jordanië. Onderweg werden we meerdere malen aangehouden en
gecontroleerd door militairen.
De Dode Zee was echt geweldig: het was prachtige weer, heel warm
water (circa 25 graden) en het drijven is echt heel gaaf. Alleen
doet het zout behoorlijk pijn, vooral in je gezicht en na zo'n 20
minuten hielden we het wel voor gezien. Op het strand was het erg
rustig, misschien 20 mensen, een paar Engelsen, Saudi's en
Jordanezen.
De Saudi's begonnen meteen over voetbal (Nederland-Saudi-Arabië
1-1, WK 1990 ???).
Daarna wat gedronken op terras en later binnen gegeten met Ibrahim,
welke weer veel vertelde: allerlei anekdotes over
ervaringen/gebeurtenissen met toeristen en andere dingen. (bijv.
over de verloving van zijn dochter, een Nederlandse homo die
allerlei mensen en ook Ibrahim in een hotel in Petra geld bood voor
sex, dat Jordanezen arbeiders slechts +/- 5 JD per dag van 10 uur
verdienen, over Nederlanders en VIP's die hij in de taxi zou hebben
gehad.
Na de heerlijke lunch gingen we naar Mount Nebo (de berg van Moses)
via een prachtige route. Je kon alleen vanwege de waterdamp geen
mooie foto's maken. De berg stelde niet zoveel voor: een gedenksteen
en een klein kerkje, wel een heel mooi uitzicht over de vallei.
Vervolgens gingen we op weg naar Madaba, even naar een kerkje (erg
lelijk, maar met een aardige mozaïek van 'The Holy Land' op de
grond) en nog even rondgelopen in dit leuke plaatsje en wat
gedronken in een restaurant, waarvan een werknemer goed Duits
sprak.
Terug in Amman spraken we met Ibrahim voor 10.00 uur de volgende
ochtend bij Firas Wings Hotel om naar Azraq te gaan. Vlakbij het
theater werden we gedropped, we moesten toen +/- 500 meter naar
hotel lopen en kwamen onderweg Mohammed 2 twee keer tegen. Dit was
de vervelend man van de eerste dag die ook al een paar keer had
gebeld.
's Avonds goed en veel gegeten bij pleintje in leuk restaurantje in
de tuin met watervalletje en andere leuke dingen en een aantal TV's
zoals zoveel restaurantjes in Jordanië.
Daarna even over het plein gelopen waar we door zeer veel Jordanezen
werden aangesproken. Op een gegeven ogenblik stonden er zo'n 15 á 20
man om ons heen. Met een Jordanees voor volgende avond 22.00 uur
afgesproken om bij hem thuis wat te gaan drinken. Ook spraken we
daar een Irakees die nogal trots was om de acties van het Iraakse
leger.
lees
verder over Azraq Umm Qais &
Amman Ma'in & Karak
|
Nepal
Cultuur / Historie / Politiek / Economie
|
|
Nepal
reizigers-informatie
|
18-06-2010